Het aantal zelf uitgebrachte boeken neemt toe. In Amerika is selfpubben zelfs al meer dan alleen een trend, het is here to stay. Mijn doel is om ook in Nederland een succesvol selfpubber te worden.
De eerste reactie bij het schrijven van dit blog is die van de journalist in mij, namelijk door op zoek te gaan naar bronnen die bovenstaande onderschrijven.
Ze bestaan, ik heb ze gevonden, selfpubben is hot. Maar, wat is dat dan: succesvol? Mijn eerste roman ‘Vers van de pers’ is beter verkocht dan ik had gedacht en nog veel beter ontvangen dan ik had gehoopt. Voor mij is dat al succes. Het smaakte naar meer en dat komt er ook. In de vorm van mijn tweede roman.
Eigen pad, eigen keuzes
Als ik aan iemand vertel dat ik mijn boek zelf heb uitgebracht, leidt dat vaak tot veel vragen. Waaronder de vraag of uitgeverijen het niet wilden uitbrengen? Het antwoord: geen idee, want ik heb ze niet benaderd. Ik zie veel voordelen van een uitgeverij, vooral voor de promotie en om je boek in de boekwinkel te krijgen. Als gepokt en gemazeld journalist en communicatiemanager besloot ik mijn eigen pad te bewandelen met eigen keuzes. En dat bevalt… goed!
Het pad van een uitgeverij
Het imago dat een selfpubber een B-auteur zou zijn, is inmiddels achterhaald. Dat wil niet zeggen dat iedere selfpubber ook kwaliteit levert. Alles valt of staat met die kwaliteit en daar heb je hulp voor nodig. Ik besloot bij mijn debuutroman om alle stappen te volgen die een uitgeverij ook neemt. Dat betekent: proeflezen, inhoudelijke redactie, persklaarmaken, correctie, illustratie, vormgeving & druk (en het omzetten naar een epub bestand). Dit kost geld, tijd en organisatie, maar ik geloofde in mijn eigen verhaal. Bovendien wilde ik zo graag een boek uitbrengen dat ik het er simpelweg voor over had. Ik ben mijn boek wel als een investering gaan behandelen.
Herken de toegevoegde waarde
Het moest ook visueel aantrekkelijk zijn en daarom investeer ik in de geweldige illustraties van Nicolet Boon. Iedere bloem, grasspriet en tegel op de cover is door haar getekend. Ze wist Polly’s cottage uit mijn hoofd op de cover te krijgen. Ze voegde er zelfs een paar vinkjes aan toe (op het dak en in de boom) omdat Vink mijn meisjesnaam is. AI zal mijn cover niet in zijn greep krijgen. Ook al zou het een besparende optie zijn, ik denk dat het talent van Nicolet waarde toevoegt aan mijn boek en het daarom aantrekkelijker en beter verkoopbaar maakt. We all judge a book by it’s cover, right?
Mijn eigen club
Redactie is echt nodig, hoeveel schrijfervaring en -talent je ook bezit, voor een goed boek is natuurlijk ook wat schrijftalent gewenst, het zware werk ligt nog altijd bij de auteur. En met gewenst bedoel ik noodzakelijk. Met selfpubben kun je zelf die club mensen om je heen verzamelen. Zo werk ik naast Nicolet ook met Rosanne Sarah voor de redactie, Veronique Janssen is inmiddels mijn vaste proeflezer. Dit keer is Eline Postma nieuw voor het persklaarmaken en de correctie wordt dit keer door mijn vader gedaan. Hij is Neerlandicus (ik heb het schrijf-, lees- en boekenvirus niet van een vreemde), met pensioen en klaar om in te stappen. Ik ken niemand met een scherper oog op teksten.
Passie en gedrevenheid
Het fijne aan het boekenvak is dat iedereen vol passie en gedrevenheid aan zijn of haar specialisme werkt en hetzelfde doel heeft: dat boek zo goed mogelijk de wereld in krijgen. En dat is een van de vele redenen waarom ik zo dol ben geworden op het zelf uitgeven van mijn boek. Ja, het was en is veel werk. Ja, het kost wat (hoeveel heb je zelf in de hand), maar het levert je ook zoveel op. Ik kan het iedereen aanraden!
